Lente in de winter

Wat een verschil. Ik weet het, iedereen heeft zich er al over uitgesproken. Op de televisie, de radio en in alle kranten is het fenomeen breedvoerig behandeld. En toch moet ook ik mijn verwondering er over uiten. Dit heb ik nog nooit meegemaakt. Het ene weekend sneeuw en ijs en zijn er allemaal schaatsers op enorme ijsvlaktes. Is alles om ons heen bedekt met sneeuw, zo ver het oog rijkt. Van de ene op de andere dag is alles weg en is er alleen nog water. Zeker zo’n 25 graden verschil in temperatuur, hoe bestaat het?

Ik zit op mijn balkon te genieten van fluitende vogels. Wat een drukte maken ze. En kijk nou, zelfs een paar vlinders fladderen al in de tuin van de beneden buren. Het is één lentefeest, zo vlak voor mijn ogen. Niet alleen de eksters zijn weer druk bezig elkaar uit te schelden. Ik zie zelfs een boomkruipertje gaan. En daar is ineens ook het eekhoorntje weer. Dwars door de bomen scheert hij van links naar rechts. Bijna schiet hij bij de laatste boom te ver door en dreigt te vallen. Maar met een behendige zwaai lukt het om een tak lager alsnog veilig te landen en te keren. Dan, met een enorme vaart in de boom omhoog, de blauwe lucht tegemoet. En ik zit, weliswaar met mijn jas en natuurlijk de terrasverwarming aan, te genieten. Van die verwarming heb ik trouwens veel plezier. Die koesterende warme stralen kan ik nog heerlijk benutten. Al is de temperatuur inmiddels 16 graden, zo in de schaduw koel je nog snel af.

Beneden op straat is het druk. Ieder schijnt, zoals een week eerder van de sneeuw en het ijs, nu van de lente te willen genieten. Verbazend hoeveel auto’s, fietsers en wandelaars passeren. Hé, daar rijdt dezelfde jongen die verleden week langs kwam. Toen in schaatskleren, dik ingepakt, met sjaal, muts en handschoenen aan. Nu in korte broek en een T-shirt met korte mouwen. Een paar bleke blote winterarmen er onderuit! Dát gaat me toch echt te ver, zo’n metamorfose en dat binnen een week. Geef mij mijn terrasverwarming er dan maar bij.

En kijk, die avond op de televisie? De eerste krokusjes hebben hun kopjes opgestoken en staan in bloei. Voor mij is het ongelooflijk en toch, het is wel de werkelijkheid. Het is een wonder in mijn ogen en het geeft niet alleen mij, maar iedereen nieuwe moed!

Maar ik ga naar binnen. ‘Hatsjie, hatsjoe’, met een fikse allergie aanval. Ik ga een kop kamillethee zetten. Dat wil nog weleens helpen. Ja, de pollen zijn geëxplodeerd, dat heb je met dat mooie weer. ‘Hat…sjoel!’

Betty de Wit
Betty de Wit